02 2019

De gerechtelijke procedure in jeugd- en familiezaken door de ogen van de kinderen

De auteur van dit artikel mag als bijzondere curator naast kinderen staan en met ze meelopen tijdens de periode dat ze betrokken zijn in gerechtelijke procedures. Zij heeft het privilege dat ze mee mag kijken door de ogen van deze kinderen. Hoe meer de bijzondere curator probeert te kijken door de ogen van kinderen, hoe duidelijker het wordt dat de logica van grote mensen niet altijd logisch is.

Wat betekent het voor kinderen om betrokken te zijn in een procedure en vooral: hoe kunnen de betrokken professionals het een beetje minder moeilijk voor hen maken?


Inleiding

Dit artikel is tot stand gekomen met behulp van deze kinderen, die mij openhartig hebben verteld hoe zij het hebben ervaren dat een rechter papa en mama of de gezinsvoogd moest helpen met het maken van beslissingen, wat zij moeilijk vonden en wanneer zij zich gesteund voelden. De in dit artikel opgenomen tips zijn van de kinderen zelf.



De bijzondere curator

Omdat kinderen in beginsel geen zelfstandige toegang tot het recht hebben, kan een rechter een bijzondere curator benoemen. Dit gebeurt in situaties waarbij een kind knel komt te zitten tussen zijn of haar ouders, of gecertificeerde instelling (jeugdzorg). Artikel 1:250 van het Burgerlijk Wetboek beschrijft dat een rechter in dit soort gevallen een bijzondere curator kan benoemen. Als een bijzondere curator wordt aangesteld, krijgt deze van de rechter een specifieke taakomschrijving mee. De werkzaamheden van een bijzondere curator dienen in een bepaalde tijd te worden uitgevoerd. De rechter bepaalt vervolgens of de bijzondere curator aan zijn of haar verplichtingen heeft voldaan.

De bijzondere curator spreekt met de kinderen en in veel gevallen met de betrokken volwassenen om de minderjarige heen. Vraagstukken waar een bijzondere curator mee te maken heeft, betreffen meestal vraagstukken waar ouders niet uitkomen zoals hoofdverblijfplaats, zorg- en contactregeling, opbouw van contact of schoolkeuze. Dit betekent dat de bijzondere curator samen met het kind de wereld door de ogen van het kind probeert te bekijken en deze visie vervolgens moet duiden voor de ouders, gecertificeerde instelling en rechter.



In de gang van de rechtbank

Niet lang geleden liep ik na een zitting naar de uitgang van de rechtbank. Op een van de bankjes zat een jongen van ongeveer twaalf jaar met een iPad op schoot. Zo nu en dan schoot zijn blik naar de deuren van de zaal waar op dat moment zijn ouders een zitting hadden. Hij was samen met zijn moeder gekomen en had de rechter moeten vertellen hoe hij wilde dat de omgang met zijn vader eruit zou zien. Hij was langs zijn vader gelopen, had hem gegroet en getwijfeld; wel of geen knuffel? Nadat hij met de rechter had gesproken, was hij naar zijn ouders teruggelopen. Die zaten ieder met hun advocaat aan een andere kant van de wachtruimte. Hij had een beetje in het midden gestaan. Zijn vader lachte naar hem. Heel vriendelijk, maar hij zag aan zijn vaders ogen dat die zich afvroeg wat hij had gezegd. Zijn moeder was opgestaan en had hem gewenkt. Hij was maar naar haar toegelopen, zij had tenslotte de iPad waar hij op kon spelen terwijl zijn ouders in de zitting waren.

De gerechtelijke procedure in jeugd- en familiezaken door de ogen van de kinderen

Ik weet hoe het scenario verder gaat, want ik zie het regelmatig. Als zijn ouders met hun advocaten uit de zitting komen, zal de jongen niet zo goed weten hoe hij moet kijken. Hij weet dat de kans groot is dat zijn ouders verhit en geïrriteerd zijn. Hij weet ook dat zijn vader weet wat hij tegen de rechter heeft gezegd. Hij is bang voor de verdrietige blik die zijn vader misschien zal hebben. Hij zal blij zijn als het een uurtje verder is en hij met mama in de auto zit. Die heeft hem ijs op het strand beloofd.

Een rechtbank is gemaakt voor en door volwassenen. Helaas ontkomen we er niet aan om soms ook de kinderen te betrekken in procedures waar bijvoorbeeld ouders er samen niet uitkomen. Kinderen worden opgeroepen voor een minderjarigenverhoor bij echtscheiding. Kinderen kunnen via de informele rechtsingang een eigen procedure forceren of te maken krijgen met een Uithuisplaatsing.

Onderdeel zijn van een procedure

“Help het ons begrijpen.”

“Oké”, zegt de jongen tegenover mij, hij is bijna dertien,

“mijn moeder heeft de vorige keer gewonnen. Als dan nu mijn vader wint, staat het 1-1. Dan weten we nog niet wat er gaat gebeuren.”

Ik leg hem uit dat bij een hoger beroep het hof beslist of de beslissing van de rechtbank hetzelfde blijft. En dat het dus geen 1-1 zal zijn als nu zijn vader wint. Hij kijkt me nadenkend aan en verzucht dan:

“Waarom zijn ze dan niet gelijk naar deze rechters gegaan? Weet je hoe lang ik al aan het wachten ben?”

Gerechtelijke procedures duren lang. Zo lang dat ze stressklachten met zich mee kunnen brengen. Voor kinderen geldt dat minstens zo sterk. Niet weten waar je gaat wonen, niet weten wat de rechter gaat zeggen over wanneer je naar de andere ouder gaat, of je op vakantie mag met één van je ouders of op hockey met wedstrijden in het weekend, is slopend voor een kind. Betrokken volwassen partijen in een procedure kunnen nog overleggen met hun advocaat, een verweer- of verzoekschrift opstellen of met mensen van hun eigen leeftijd praten die snappen wat er aan de hand is. Als kind van twaalf snappen je leeftijdsgenoten vaak niet wat er aan de hand is. Een kind moet met de snippers informatie die hij van zijn ouders opvangt, bijvoorbeeld in telefoongesprekken met een advocaat terwijl mama of papa denkt dat het kind ‘het toch niet hoort’, een beeld maken van wat er gaat gebeuren en wat er besloten gaat worden.

Kinderen hebben geen idee van zaken als verweer, verzoek, verhinderdata, enkelvoudige kamers, meervoudige kamers of gerechtshoven. Kinderen weten meestal wel dat er een probleem is; zij horen hun ouders met een advocaat praten, horen op de koffie bij opa en oma dat de stand van zaken wordt doorgenomen, horen van hun ouders dat een rechter gaat beslissen. En soms komt er opeens een jeugdbeschermer over de vloer, of moeten zij naar de Raad voor de Kinderbescherming. Kinderen weten vaak dat er een zitting is omdat zij worden opgeroepen voor een minderjarigenverhoor of omdat ouders erover praten. Kinderen denken vaak dat als de rechter een uitspraak heeft gedaan, alles duidelijk zal zijn. Als er dan vervolgens nieuwe procedures komen, bijvoorbeeld een hoger beroep of een bodemprocedure, kan dat het vertrouwen van kinderen in de rechtsgang en de volwassen wereld schaden. Als er na de ene rechter nog vele andere rechters volgen, wat maakt het dan nog uit wat deze ene rechter zegt?

Het is voor kinderen belangrijk om leeftijdsadequaat voorgelicht te worden. Binnen het familierecht ligt hier een groot hiaat. Als een bijzondere curator is benoemd voor een kind, is het onder andere de taak van deze curator om adequate, leeftijdsgebonden voorlichting te geven. Als een kind geen bijzondere curator heeft, is er vaak niemand die in de juiste taal vertelt wat er gaat gebeuren en wat dit betekent in het leven van het kind. Ouders weten het ook niet altijd, of overzien in hun eigen spanning niet wat de onzekerheid met een kind doet. Als je moeder dan zegt:

“Na de zitting weten we tenminste wanneer je naar je vader moet. Dan kunnen we eindelijk de vakantie plannen.”

En je vader zegt:

“Als de rechter mij niet met jou op vakantie laat gaan, dan ga ik in beroep, dat zou toch van de zotte zijn!”

Wat moet je dan als kind? Wie moet je geloven?

Een kind dat zich in een procedure bevindt, zou altijd een neutrale persoon moeten hebben waar hij of zij terecht kan met vragen. Iemand die op de juiste wijze uitlegt wat er gaat gebeuren en welke consequenties dit heeft voor het dagelijks leven van het kind. Er zal een balans moeten zijn tussen wat het kind moet weten om zich minder machteloos te voelen en het onnodig belasten van kinderen met informatie die zij niet hoeven te krijgen.

Kinderen zeggen hierover:

“Waarom moet het allemaal zo moeilijk? Ik zou willen dat ik het zelf kon uitmaken en regelen.”

“Soms zie ik mama huilen en dan denk ik dat de rechter een beslissing moet nemen. Misschien is ze dan minder verdrietig.”

“Mijn vader was heel boos op de rechter, hij hoopt dat de volgende rechter wel geschikt is voor zijn vak. Ik weet niet precies wat hij daarmee bedoelt, maar ik dacht dat de rechter een goede beslissing zou nemen.”

Tips van de kinderen:

  • Als volwassenen het niet kunnen oplossen en wij worden erbij betrokken, leg ons dan uit wat er gebeurt.
  • Laat de persoon die ons uitlegt hoe het zit, een neutraal iemand zijn.
  • Leg in begrijpelijke taal uit wat de beslissing van de rechter betekent voor ons leven.
  • Leg het uit als een beslissing kan worden aangevochten, zodat we snappen dat de uitspraak niet per se zekerheid gaat geven.


Informele rechtsingang

“Begrijp hoe spannend dat is.”

Kinderen onder de twaalf kunnen zich alleen informeel tot de rechter richten. Dit kunnen zij doen door een brief te schrijven aan de rechter. Kinderen boven de twaalf kunnen zich informeel én formeel tot de rechter richten. Voor een formeel verzoek aan een rechter heeft een minderjarige een advocaat nodig. Voor een informeel verzoek geldt dat de minderjarige van tussen de twaalf en achttien een brief kan schrijven, net als een kind van onder de twaalf. Als de informele rechtsingang wordt gebruikt, wordt er vaak een bijzondere curator benoemd om te onderzoeken wat de wens van het kind is en wat de achtergrond is van deze wens.

Ik spreek met een jongen van dertien, die zelf een brief heeft geschreven aan de rechtbank over het contact met één van zijn ouders. Hij was twaalf toen hij de brief schreef. Hij vertelt mij:

“Ik heb de brief een paar maanden geleden geschreven. Er is alweer zoveel gebeurd. Nu wil ik het anders.”

De gerechtelijke procedure in jeugd- en familiezaken door de ogen van de kinderen

Bij gebruik van de informele rechtsingang worden kinderen gehoord door de rechter. Tussen het schrijven van de brief en de uitspraak van de rechtbank over de vraag in de brief, zit soms wel een jaar of nog langer. Voor kinderen is deze periode niet goed te overzien. Kinderen vinden het schrijven van zo’n brief vaak heel spannend en eng. Sommige kinderen gaan ervoor naar de kinderrechtswinkel; het is een officieel iets. De brief schrijven, op de bus doen en dan maar wachten…Kinderen weten niet wanneer de ouders op de hoogte gesteld worden van de brief, ze weten niet hoe het verder gaat. Daarna worden ze gehoord en ze weten dat er een moment komt dat hun ouders met de rechter over de brief gaan praten. Daar kunnen maanden tussen zitten.

Als de rechter dan een uitspraak doet die niet past bij de wens die het kind in de brief heeft gezet, dan is dat een enorme anticlimax, na het opbouwen van spanning van maanden of langer. De kans dat een kind dan nog goed kan meewerken met bijvoorbeeld hulpverlening, begeleide omgang of iets dergelijks, is dan kleiner. De teleurstelling van het kind in de rechter kan heel groot zijn. Juist als de spanning maanden is opgelopen, zonder dat de situatie (bijvoorbeeld geen contact met een ouder), is veranderd.

Kinderen zeggen hierover:

“Het was fijn dat ik het kon vertellen, maar ik had het ook al opgeschreven. En daarna hoorde ik weer heel erg lang niks. En nu moet ik met jou praten.”

“Ik heb toch opgeschreven wat ik wil. Waarom moet er nu weer verder worden gepraat?”

“Ik snap er niks van, ik heb de rechter toch gezegd wat ik wilde en nu is er heel iets anders besloten.”

Tips van de kinderen:

  • Reageer zo snel mogelijk op een brief.
  • Begrijp hoe eng het is om een brief te schrijven aan de rechter.
  • Geef duidelijkheid over wat er gaat gebeuren nu er een brief is geschreven, ook als dat langer kan duren.
  • Leg uit wat er met de brief wordt gedaan en dat de rechter de beslissingen neemt.


Het minderjarigenverhoor

“Neem ons serieus en maak het veilig.”

Voor rechters is het vaak goed om de minderjarigen waar de procedure over gaat, zelf ook te zien. Het is voor veel kinderen belangrijk om zelf aan de rechter te vertellen wat zij ergens van vinden. Voor kinderen is het spannend om met een rechter te praten. In de folder Kindgesprek*1 wordt verwezen naar een voorlichtingsfilmpje op www.rechtvoorjou.nl. In dit filmpje zitten rechter en griffier in toga in de zittingszaal. Een intimiderend beeld voor veel kinderen. Dit terwijl er in veel rechtbanken juist in een speciale kamer door een rechter in burger met kinderen wordt gepraat. Ook wordt er verteld dat het kindverhoor altijd plaatsvindt daags voor de zitting. Helaas worden kinderen nog maar al te vaak opgeroepen direct voorafgaand aan de zitting. Waarbij logistieke en organisatorische redenen prevaleren boven de enorme spanning die dit bij een kind teweegbrengt.

De gerechtelijke procedure in jeugd- en familiezaken door de ogen van de kinderen

Kinderen zeggen hierover:

“Ik voelde spanning omdat mijn vader zat te wachten.” (jongen, 15 jaar)

“Ik moet er niet aan denken dat ik dit gesprek zou moeten doen terwijl mijn ouders er ook zijn.” (meisje, 11 jaar, onder mijn begeleiding naar minderjarigenverhoor geweest)

“Ja het was natuurlijk wel ongemakkelijk, maar we zijn nu ook zo gewend aan zittingen en ruzies dat het ook niet zoveel uitmaakte, na het gesprek ben ik gewoon op mijn telefoon gaan spelen tijdens de zitting van mijn ouders.” (jongen, 13 jaar)


Het kindgesprek voelt voor sommige kinderen als hét moment dat zij ook iets kunnen zeggen over de situatie. Andere kinderen vinden het vervelend om opgeroepen te worden. Kinderen voor wie het belangrijk is om iets te kunnen zeggen, kunnen hoge verwachtingen hebben:

“Ik vond het lastig dat mij kleine dingen werden gevraagd, op welke school ik zat en zo. Daarmee werd voor mijn gevoel het gesprek met mij kleiner gemaakt. Maar ik vond het heel groot, want ik had veel last van de situatie en ik hoopte dat de rechter daar echt bij zou gaan helpen. Het gesprek was best kort en dat er dan ook nog allemaal tijd naar kleine dingen gaat, vond ik teleurstellend.” (meisje, 17 jaar)

“Ik vond het wel oké, het was niet zo spannend en de rechter was aardig. Ik heb gewoon antwoord gegeven op de vragen die werden gesteld.” (jongen, 15 jaar)

Tips van de kinderen:

  • Laat ons niet praten vlak voor de zitting, maar op een andere dag.
  • Neem de tijd voor ons.
  • Hou rekening met onze leeftijd.
  • Leg uit wat er gaat gebeuren in de procedure.
  • Laat de rechter eruitzien als een ‘gewoon’ mens.


Zaal of kamer

“Stel ons op ons gemak.”

De plaats waar het gesprek plaatsvindt, is voor kinderen relevant. Na afloop van een gesprek in de kinderspreekkamer, mag ik samen met het minderjarige meisje van elf jaar ook de zittingszaal nog even zien. Zij kijkt rond en zegt:

“Hier zou ik het gesprek niet hebben willen voeren. Ik vond de kamer prettiger, maar daar mag nog wel meer op de muur. En de gekleurde stoelen daar zijn wel leuk, maar waarom geen gekleurde tafel?”

Iedere hulpverlener en behandelaar weet dat een opstelling waarbij je recht tegenover je gesprekspartner zit en ook nog omhoog moet kijken, een gevoel van ongelijkheid geeft. Hoewel de argumentatie dat kinderen zich misschien meer serieus genomen voelen als de rechter er als rechter uitziet, geven alle kinderen die ik hierover heb gesproken aan, dat zij dat het fijn vinden om het gevoel te hebben dat er echt naar hen geluisterd wordt. Bijna alle kinderen geven aan dat zij het eng en spannend vinden om met de rechter te praten, de meesten geven er de voorkeur aan dat de rechter er als ‘mens’ uitziet. Geruststelling dient in mijn visie van hogere prioriteit te zijn dan het uitstralen van autoriteit.

Kinderen zeggen hierover:

“Ik wil wel graag zien hoe een zittingszaal eruitziet, maar ik praat liever in een gewone kamer.” (meisje, 11 jaar)

“Ik vind de kamer met gekleurde stoelen wel leuk, ik vind het fijn dat de rechter gewoon naast mij zat.” (jongen, 12 jaar)

“Ik vond het zo spannend dat ik een droge mond had. Ik had graag wat te drinken gewild tijdens het gesprek.” (meisje, 10 jaar)

Tips van de kinderen:

  • Zorg voor kleur.
  • Zorg voor iets te drinken.
  • Zorg ervoor dat er niet allemaal zenuwachtige grote mensen in de wachtkamer zitten waar de kinderen moeten wachten.


Kinderen hebben zelf antwoorden

Aan een steekproef van zestien kinderen in de leeftijd tussen twaalf en achttien jaar is gevraagd of zij gehoord zouden willen worden door een rechter als papa en mama ruzie zouden hebben over hen. Dit betreft kinderen die niet in een procedure zitten, deze zestien kinderen hebben zodoende onbevangen en zonder goede of slechte ervaringen met de rechter, hun visie gegeven. Op de vraag of zij bij een ruzie tussen papa en mama gehoord zouden willen worden, gaven vijftien kinderen aan dat zij dat zouden willen.

Kinderen zeggen hierover:

“Ik zou willen dat iemand mij uitlegt wat er precies aan de hand is. Anders blijft alles zo vaag. Ik heb liever niet dat papa of mama dat zou doen, dan zou ik me misschien schuldig gaan voelen als ik wat anders wil dan papa of mama wil. Ik zou het vervelend vinden als de rechter een toga aan heeft, ik denk dat ik dan minder op mijn gemak zou zijn en minder makkelijk zou vertellen over wat ik wil en voel.” (meisje, 12 jaar)

“Ik zou wel met de rechter willen praten. Ik zou niet willen dat de rechter een toga aan heeft, dan zou ik me veiliger voelen en makkelijker praten. Ik zou niet in een grote zaal willen praten, maar in een aparte kamer. Anders is het zo intimiderend. Ik zou het wel fijn vinden als de rechter goed naar mij luistert en mij het gevoel geeft dat-ie me heeft begrepen.” (jongen, 16 jaar)

“Ik zou niet met de rechter willen praten, ik zou bang zijn om iets te zeggen waarmee ik papa of mama kwets.” (jongen, 12 jaar)

“Ik heb niet voor een ruzie tussen papa en mama gekozen, dus ik zou willen dat de rechter hoort wat ik ervan vind.” (meisje, 14 jaar)

Aan dezelfde groep kinderen is gevraagd of zij zouden willen dat de rechter in toga zou zijn tijdens het gesprek met de minderjarige.

Elf kinderen geven aan dat zij niet zouden willen dat de rechter in toga is, vier kinderen zouden dit juist wel willen en één kind geeft aan het niet te weten.

Kinderen zeggen hierover:

“Ik zou het fijn vinden als de rechter een toga aanheeft, want dan voel ik me serieus genomen.”

“Ik vind het al eng genoeg, ik zou willen dat ik het gevoel heb dat ik bij de rechter terecht kan met mijn gevoel. Dat kan niet goed als de rechter een toga aan heeft.”




Het grote misverstand over als je twaalf bent…

“Wees eerlijk over onze rechten.”

Het meisje van tien tegenover mij, haalt haar schouders op en zegt dat ze het nog wel anderhalf jaar uithoudt bij de ouder waar ze nu woont.

“Mama heeft uitgelegd dat ik mag kiezen waar ik wil wonen als ik twaalf ben, dus dan bepaal ik het zelf.”

Als ik haar uitleg dat dit niet het geval is, dat zij op haar twaalfde gehoord kan worden door de rechter, maar dat nog altijd de volwassenen beslissingen nemen, is ze teleurgesteld. Nadat de teleurstelling is gezakt, lijkt ze zich ook wat te ontspannen. Ze was heel bang dat ze één van haar ouders teleur zou stellen als zij de beslissing had mogen nemen. Kinderen zijn op hun twaalfde nog niet rijp genoeg om de verantwoordelijkheid te krijgen voor de beslissing. Het is belangrijk dat kinderen, zodra zij betrokken worden bij een procedure, uitleg krijgen over hun positie en het gewicht van hun mening, juist als kinderen in een loyaliteitsconflict zitten of als ouders (met of zonder die intentie), druk uitoefenen op kinderen, is het van cruciaal belang om het gevoel van verantwoordelijkheid van hun schouders af te halen. Zoals wij kinderen dienen te ‘ontschuldigen’ voor de conflicten van de grote mensen, dienen wij hen ook niet verantwoordelijk te maken voor de oplossing van deze conflicten.

Kinderen zeggen hierover:

“Ik had begrepen dat ik, nu ik twaalf ben, zelf mag beslissen wat ik wil.” (meisje, 12 jaar)

“Ik denk dat ik beter zelf de beslissingen kan nemen, mijn ouders kunnen het niet.” (meisje, 11 jaar)

“Ik ben bang dat papa of mama boos wordt als ze horen wat ik wil, dat maakt me bang. Als ik twaalf ben en ik moet kiezen, dan ben ik bang dat ik ze teleurstel.” (meisje, 10 jaar)

Tips van de kinderen:

  • Wees eerlijk over wat onze stem betekent voor de procedure.
  • Wees duidelijk dat de volwassenen verantwoordelijk zijn en niet de kinderen.
  • Vertel vooral ook waarom onze stem WEL van belang is.


Conclusies

De landelijk gegeven informatie over het kindgesprek, met name in het filmpje waar in de folder naar wordt verwezen, komt lang niet altijd overeen met de werkelijke gang van zaken. Dat maakt dat kinderen verkeerde verwachtingen krijgen. Ofwel de informatie zal uitgebreider moeten, ofwel de werkwijze op de rechtbanken en hoven dient te worden geüniformeerd.

Kinderen lopen onnodige, soms grote, schade op als zij vlak voor een zitting worden opgeroepen op het moment dat hun ouders ook al aanwezig zijn. Onder geen beding zou dit nog de gang van zaken mogen zijn. Kinderen willen allebei hun ouders tevredenstellen, zijn loyaal en bang ouders teleur te stellen. Ouders zijn zelf voorafgaand en vlak na een zitting ook gespannen. Een kind zou daar mijns inziens niet mee geconfronteerd moeten worden. Een minderjarigenverhoor is belangrijk en verdient in mijn ogen zorgvuldigheid. Ik pleit er dan ook voor dat het minderjarigenverhoor standaard enige dagen voor een zitting plaatsvindt, onder begeleiding van een neutrale persoon.

Jongere kinderen geven aan dat zij het belangrijk vinden om te worden gerustgesteld, oudere kinderen geven aan dat zij het gevoel willen hebben dat zij ertoe doen, dat zij serieus genomen worden en dat het uitmaakt wat zij te zeggen hebben.

De informatie die voor kinderen beschikbaar is over het kindgesprek, buiten de folder, gaat eigenlijk alleen over het kindgesprek bij echtscheiding van ouders. Veel kinderen die een kindgesprek komen voeren, hebben te maken met vervolgprocedures, waar veel minder informatie over is. Juist voor deze kinderen is het belangrijk dat hen wordt uitgelegd waarom zij worden opgeroepen, wat deze procedure in kwestie betekent en wat een uitspraak voor invloed heeft op het dagelijks leven van het kind in kwestie. Een rol voor bijzondere curatoren, de raad voor de kinderbescherming of de jeugdbescherming? Een dialoog hierover met alle betrokkenen zou een mooie eerste stap zijn.

Te vinden op www.rechtspraak.nl

Top